Pauline Krikke faalt ook bij haar afscheidsspeech

Retorische analyse vertrek burgemeester Den Haag

Op 6 oktober 2019 verschijnt op Instagram een filmpje van de Haagse burgemeester Pauline Krikke waarin ze aankondigt te vertrekken. “Het valt mij zwaar, maar ik wilde het jullie als eerste vertellen, inwoners van Den haag.”

Den Haag, 4 september 2018 Pauline Krikke, burgemeester. Foto Martijn Beekman & Valerie Kuypers

Retorische analyse

Een retorische analyse probeert de overtuigende waarde van een speech, tekst of andere uiting in kaart te brengen. Het is dan belangrijk een beeld te hebben van het doel van de uiting, de doelgroep, de situatie en de spreker/schrijver/maker. Dan kun je proberen de inhoud op waarde te schatten. Ik doe dat hier bij het filmpje van Krikke.

Eerste indruk

Wat is de eerste indruk die uit dit betoog van Krikke naar voren komt? De burgemeester staat nogal star, heeft weinig mimiek en richt zich rechtstreeks tot de Haagse bevolking. Is het boeiend, duidelijk en aannemelijk wat ze zegt? Eigenlijk niet. Duidelijk en aannemelijk is het in het geheel niet. Boeiend is het alleen doordat we de vrij dramatische situatie eromheen kennen.

De achtergrond

Op dinsdag 1 oktober doet de Rijksrecherche een inval in het gemeentehuis van Den Haag, omdat twee wethouders van omkoping verdacht worden. Zij worden vrij snel daarna door de andere partijen in het college gedwongen zich voorlopig terug te trekken als wethouder. Daarna valt het hele college. Op 3 oktober verschijnt een langverwacht rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over de gevaarlijke situatie tijdens Oud en Nieuw 2018/19. Op Scheveningen en Duindorp waren enorme brandstapels gebouwd op het strand. Scheveningen werd onder een vonkenregen bedolven. Uit het rapport blijkt dat de burgemeester haar taak als eindverantwoordelijke voor de veiligheid in Den Haag niet heeft waargemaakt.

Op zondag 6 oktober verschijnt aan het eind van de middag een filmpje op Instagram waarin burgemeester Krikke vertelt dat ze opstapt. Dit filmpje is bedoeld als háár uitleg en haar poging zichzelf te verdedigen.

Haar betoog is dan ook als een verdedigingsrede te beschouwen. Dat het op Instagram verscheen en aan de bevolking van Den Haag was gericht is opvallend. Het wekte de indruk dat de burgemeester niet aan de gemeenteraad verantwoording wilde afleggen.

De presentatie

De presentatie van Pauline Krikke is stijf. Ze toont heel beperkte mimiek, en haar stem is vlak en weinig natuurlijk. Haar hoofd staat wat naar achteren. Het lijkt erop dat ze de tekst voorleest van papieren onder de camera, ik vermoed met een leesgedeelte onderin haar brillenglazen. Maar door deze houding krijgt ze wel een hautaine uitstraling. En je kijkt zo haar neus in. Door de geel en bruinige achtergrond krijgt ze daarnaast ook een nogal roze gelaatskleur. Al met al krijg ik het gevoel dat ik naar een arrogant varkentje zit te kijken. Dat lijkt me niet de bedoeling. Daarnaast lijkt de camera niet op een statief gestaan te hebben. Als je naar het kunstwerk achter Krikke kijkt, dan word je langzamerhand zeeziek. Tegelijkertijd is dat ook het enige dynamische element aan de hele presentatie.

De indeling en inhoud van het verhaal

Eerst even de opbouw van de redevoering van Krikke

  • Aanleiding: het rapport van de OVV. Uitleg wat de OVV eigenlijk is en doet.
  • B&W omarmt de conclusies en aanbevelingen van de onderzoeksraad.
  • Iets over open vizier en een helm helemaal afzetten om elke schijn van een vechtstand te vermijden.
  • Kern: Het maatschappelijk debat over de toekomst van Den Haag en zeker debatten van de gemeenteraad dienen altijd te gaan over de toekomst van de mensen […] in Den Haag […]. Het moet niet over poppetjes gaan.
  • Ze heeft twee wethouders eerder moeten verzoeken hun werk neer te leggen.
  • Er wordt niet meer constructief samengewerkt.
  • Het aanstaande debat over het rapport van de onderzoeksraad spitst zich steeds meer toe op haar functioneren.
  • Ze wil de voortgang van het denken en doen in Den Haag niet in de weg zitten.
  • Het valt haar zwaar, maar ze wilde dit eerst vertellen aan de inwoners van Den Haag.

Eerlijk gezegd kan ik er weinig van maken. Het komt nergens vandaan en het gaat nergens heen. Een inleiding, noch een conclusie zijn te vinden. De klassieke functies van de inleiding: aandacht trekken, begrip mogelijk maken en welwillend stemmen, ontbreken. De conclusie die normaal gesproken de argumentatie samenvat, en zo nodig emotioneert of tot actie aanzet, doet niets van dat alles. Nu is er ook geen argumentatie die geflankeerd hoeft te worden door inleiding en conclusie. Er is niets.

De kernboodschap is – ik stap op. De onderbouwing ervan is – het moet niet over poppetjes gaan; het debat over Krikke zit het debat over de toekomst van Den Haag in de weg.

De verwoording

Maar goed, het is ook lastig om je eigen falen en aftreden van een sterke analyse te voorzien. Soms kun je een matige inhoud compenseren met een mooie vormgeving. Hoe verwoordt Krikke haar ideeën?

Wat direct opvalt, is dat er na de eerste zin geen woord gewijd is aan de gebeurtenissen met Oud en Nieuw. Wel aan het rapport, maar niets over de vonkenregen zelf, laat staan haar rol daarbij.

Eerder deze week heb ik als voorzitter van het college van B en W, twee wethouders dringend moeten verzoeken hun werk neer te leggen. De al dan niet terechte commotie over hun functioneren, vormt een ernstige belemmering voor de continuïteit van toekomstgericht denken en handelen, van zowel de bestuurders als van de ambtenaren.

Wie afgelopen woensdag de ingelaste crisisvergadering van de gemeenteraad over dit onderwerp heeft gevolgd heeft de verlammende impact op constructief met elkaar meedenken en debatteren kunnen proeven, die voortkomt uit allerhande insinuaties en verwijten over en weer, van oud zeer op nieuw zeer stapelen. 

Volslagen wartaal, is dit werkelijk wat ze de inwoners van Den Haag als eerste wilde vertellen?

Wat verder opvalt, is de zwakte in haar formuleringen:

Eerder deze week heb ik als voorzitter van het college van B en W, twee wethouders dringend moeten verzoeken hun werk neer te leggen.

Ik kan dan ook niet anders dan hetzelfde doen als wat ik van mijn wethouders heb gevraagd, namelijk om de voortgang van het denken en doen in Den Haag niet in de weg te zitten. 

Ik heb zojuist de Commissaris van de Koning verzocht mij per onmiddellijke ingang ontslag te verlenen. Ze had dit makkelijk veel sterker en autonomer kunnen formuleren, bijvoorbeeld: ik heb twee wethouders gevraagd hun werk neer te leggen; ik doe zelf wat ik ook van anderen vraag; ik heb mijn ontslag ingediend.

Stijlfiguren

Stilistisch zat er een aardig stukje in de redevoering van Krikke. Dan heb ik het niet over haar eigenaardige metafoor waarin ze stelt dat het beter is de helm af te doen dan met open vizier een debat tegemoet te zien, om zo de schijn van een vechtstand tegen een rapport te vermijden. De tegenstelling tussen de ruim een half miljoen mensen van vlees en bloed, en het handjevol ‘poppetjes’ was wél goed gevonden. Dat suggereert dat die mensen voorop staan en dat de toevallige bestuurders veel minder belangrijk zijn, zeker omdat ze poppetjes zijn. Die zijn duidelijk niet van vlees en bloed.

De overtuigingskracht

Wat was het doel, waarvan wilde Pauline Krikke ons overtuigen? Het wordt eigenlijk niet duidelijk. Het was geen verdediging, het was een ontslagmededeling waarbij ze haar falen nauwgezet ongenoemd liet. Wat zou haar doelgroep, de inwoners van Den Haag, ervan vinden? Waarschijnlijk heeft ze niemand overtuigd dat ze het beste met de stad voorhad, dat ze een kundig burgemeester is geweest, of dat ze een hoger belang had dan haar eigen baan – die dat niet eerder al vond.

En daarmee is haar poging retorisch mislukt. Uiteindelijk is haar videoboodschap in lijn met haar burgemeesterschap: leeg, teleurstellend, en uiteindelijk zinloos.

Een bestuurder die zich gedwongen ziet op te stappen en daar een toespraak aan wijdt is kwetsbaar. Dat betekent dat het heel verstandig is daar capabele, professionele en onafhankelijke mensen te laten meehelpen. Ik vraag me af of dat hier gebeurd is.

Geert-Jan Procee is retorisch strateeg.

Meer informatie over retorische analyse is te vinden in Antoine Braet, Retorische kritiek – hoe beoordeel je overtuigingskracht, SDU-uitgeverij, 2007.

De volledige tekst

“Een paar dagen geleden kwam het rapport voor de onderzoeksraad voor veiligheid uit. Over de vonkenregen op Scheveningen bij het uit de hand gelopen vreugdevuur van Nieuwjaar 2019. 

De onderzoeksraad is een zelfstandig onderzoeksorgaan dat na rampen, grote ongevallen en andersoortige incidenten onderzoek kan doen naar de oorzaak en gevolgen. De onderzoeksraad is geen politiek instrument en doet daarom nadrukkelijk geen politieke uitspraken. De raad doet feitelijk onderzoek, trekt conclusies en doet aanbevelingen. 

Het College van Burgemeester en Wethouders heeft onmiddellijk en unaniem laten weten de conclusies en aanbevelingen van de onderzoeksraad te omarmen. Ik heb daaraan toegevoegd het debat hierover met de gemeenteraad met open vizier tegemoet te zien. Het blijft toch een beetje een rare metafoor, dat open vizier’’. 

Beter is het die figuurlijke helm helemaal af te zetten. Dit om elke schijn van een vechtstand tegen het rapport te vermijden. Het maatschappelijk debat over de toekomst van Den Haag en zeker debatten van de gemeenteraad dienen altijd te gaan over de toekomst van de mensen van vlees en bloed die in Den Haag wonen, werken en recreëren. Dat zijn er ruim een half miljoen, en dagelijks nog eens vele tienduizenden meer. Een dergelijk debat mag nooit vervuild worden door de positie van een handvol ‘poppetjes’. 

Eerder deze week heb ik als voorzitter van het college van B en W, twee wethouders dringend moeten verzoeken hun werk neer te leggen. De al dan niet terechte commotie over hun functioneren, vormt een ernstige belemmering voor de continuïteit van toekomstgericht denken en handelen, van zowel de bestuurders als van de ambtenaren. 

Wie afgelopen woensdag de ingelaste crisisvergadering van de gemeenteraad over dit onderwerp heeft gevolgd heeft de verlammende impact op constructief met elkaar meedenken en debatteren kunnen proeven, die voortkomt uit allerhande insinuaties en verwijten over en weer, van oud zeer op nieuw zeer stapelen. 

Het zal niemand zijn ontgaan dat ook ik zelf onder vuur lig, om geheel andere kwesties en dat de commotie rond de twee wethouders de verhoudingen in de gemeenteraad en het college nog eens extra op scherp hebben gezet. Het aanstaande debat over het rapport van de onderzoeksraad wordt binnen en buiten het stadhuis al in alle hevigheid gevoerd, en spitst zich steeds meer toe op mijn functioneren. 

Het debat over mijn toekomst zit het debat over de toekomst van Den Haag in de weg. Ik kan dan ook niet anders dan hetzelfde doen als wat ik van mijn wethouders heb gevraagd, namelijk om de voortgang van het denken en doen in Den Haag niet in de weg te zitten. Het valt mij zwaar, maar ik wilde het jullie als eerste vertellen, inwoners van Den haag. Ik heb zojuist de Commissaris van de Koning verzocht mij per onmiddellijke ingang ontslag te verlenen. Ik ben met hart en ziel burgemeester van Den Haag geweest.”

You only had three jobs…

Als je een overtuigend verhaal wilt houden hoef je maar drie dingen te doen

DOCERE, MOVERE, DELECTARE

Docere: informatie overdragen
Movere: je publiek in beweging brengen
Delectare: je publiek vermaken, onderhouden

De meeste mensen komen niet verder dan de inhoud, een paar weten een emotionele snaar te raken, en als je ook nog eens prettig bent om naar te luisteren dan ben je vrijwel uniek. En daardoor succesvol.

Met dank aan Marcus Tullius Cicero, uiteraard.

Cicero in Sevilla

In een oud paleis in Sevilla herkende ik de kop van Cicero direct.

Geen idee waarom hij daar hing, maar mijn dag was uitstekend.

Verkiezingsdebat

Een bijeenkomst waar nauwelijks verkiesbare kandidaten voor het Europees Parlement de degens met elkaar kruisen over een onderwerp dat ze nauwelijks beheersen. Voorwaar een ideale gelegenheid voor een retorisch strateeg. Persuasieve communicatie op zijn lastigst. Daar kan, wil en zal ik niet ontbreken.

Het onderwerp: de Europese politiek in het Midden-Oosten, georganiseerd door het Grote Midden-Oosten Platform.

Van de zeven deelnemers kijkt er slechts één de zaal in tijdens het spreken. Lange lappen tekst in reactie op genuanceerde stellingen. Veel inhoud, weinig onderbouwing – heel algemeen, nergens concreet. Dit was geen ideaal verkiezingsdebat, en daarom ontzettend interessant.

Inhoud is in een verkiezingsdebat nauwelijks van belang. De inhoud is er alleen om te laten ziend dat je het beter weet dan je tegenstanders, dat je competent bent. Het grootste gevaar in een verkiezingsdebat is dat een tegenstander aan het publiek laat zien dat jij je inhoud niet kent. Dat ondermijnt je aura van competentie. En het gaat om dit aura, je uitstraling, je ethos.

Wat je als kandidaat wilt uitstralen is dat mijn stem bij jou in goede handen is. Dat doe je door te laten zien dat mijn zorgen jouw zorgen zijn, dat je me begrijpt, dat je voor mij zult strijden.

En dat zie je het beste tijdens de confrontaties in een debat. Hoe reageer je als je wordt aangevallen? Het mooiste voorbeeld kwam toen de kandidaat voor de PvdA de deelneemster van het CDA onder vuur nam. Gesproken werd over vluchtelingen en of zij buiten de EU hun asielaanvraag moesten doen of die bij aankomst in een EU-land konden doen. De PvdA’er beschuldigde de CDA’er ervan angst te zaaien door het frame van de aanzuigende werking te misbruiken. Het gevaar van deze aanval is natuurlijk dat als hij slaagt, je in een onbarmhartige hoek geduwd wordt en het beeld blijft hangen dat je liever mensen laat creperen dan ze de kans geeft aannemelijk te maken dat ze als vluchteling opgenomen moeten worden in Europa. Niet handig in een publiek dat met nuance en sympathie naar het Midden-Oosten kijkt.

Dus moet je snel en stevig reageren. En dat deed de CDA-kandidate: ze werd boos en die boosheid kwam authentiek over. Ik vermoed dat dat kwam omdat ze ook echt oprecht kwaad was. Ze legde uit dat ze bedoelde (en gezegd had) dat het om de aantrekkende werking op mensensmokkelaars ging. En niemand houdt van mensensmokkelaars.

Maar het belangrijkste was dat ze liet zien dat het haar wat kon schelen en dat ze niet over zich heen liet lopen. En dat geeft de indruk dat zij in de Europese arena overeind zou kunnen blijven en mijn belangen niet verkwanselt als ik op haar zou stemmen. Ze straalde een stevig karakter uit.

Heel anders dan de deelneemster van D66 die door de deelnemer van de VVD tamelijk onheus werd aangepakt. Ze kreeg van hem dwingend de vraag of ze vond dat de president van Egypte op de Europese sanctielijst moest. Daar kwam ze niet zo goed uit en ze verstrakte. Best voorstelbaar, maar het versterkt je uitstraling niet. Toen ze later zelf nog op dit onderwerp terugkwam, kon de VVD’er haar definitief verslaan. Niet handig. De VVD’er kwam niet bepaald sympathiek over, eerder als een pestkop, maar daar moet je je met gemak tegen kunnen verweren als je ambities hebt serieus mee te spelen in Europa.

En daarmee werd de kandidaat van het CDA voor mij de winnaar van dit debat. Niet omdat ze een visie op het onderwerp had, of er zelfs maar wat vanaf wist, niet omdat ik sympathie heb voor het CDA, en zelfs niet (full disclosure) omdat ik haar nog ken van een vroegere baan, maar omdat ze liet zien dat ze uit het juiste hout gesneden is om in confronterende situaties overeind te blijven.

Nu is lang niet iedereen deelnemer in een verkiezingsdebat, maar iedereen communiceert met anderen. En meestal zijn we dan vooral bezig met de inhoud van wat we communiceren. Pas als we ons karakter tonen in hoe we ons uiten, kunnen we echt overtuigend zijn. Dit geldt als je presenteert, als je schrijft, maar ook als je met een collega overlegt. Het kan geen kwaad om daar meer aandacht aan te besteden. Als je jezelf beter laat zien, word je effectiever van en daarvan word jij beter, wordt Nederland beter en wordt Europa beter. En zo help je toch een beetje mee aan de Europese democratie.

Mark Harbers

Mooie poging van Mark Harbers, zo uit de Russische retorische school om over iets volstrekt anders te beginnen om verwarring te zaaien. De staatssecretaris van Justitie werd gevraagd of hij bewust cijfers over zware criminaliteit bij asielzoekers verzwegen had. Lastige vraag: zeg je ja, dan ben je onbetrouwbaar, zeg je nee, dan ben je incompetent. Hij kiest ervoor om uit te leggen dat er nu veel meer cijfers dan voorheen gegeven worden, een teken van transparantie. En dan probeert Harbers een rookgordijn op te trekken: ‘in de presentatie daarvan is een aantal dingen gegroepeerd en echt volstrekt onbedoeld is daardoor het beeld ontstaan als zouden er dingen niet gerapporteerd moeten worden.’ Daarna legt hij uit dat alle cijfers alsnog met de Tweede Kamer gedeeld worden, maar dat dat niet eenvoudig is. In zijn verhaal moet hij ook nog even de punten droppen dat elk misdrijf ernstig is en dat hij grote transparantie nastreeft.

Mark Harbers, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

Hele filmpje bij de NOS

Op zich volgens het boekje, maar het loopt niet echt lekker. Mijn inschatting is dat hij te veel aan een tekst vasthoudt die hij niet goed kent. En daardoor wekt hij de indruk competent noch betrouwbaar te zijn.